De Stichting Eerlijk Delen is opgericht in 1978. Het initiatief werd genomen door twee dames, Prof. Dr. Gezina van der Molen en Dr. Mies Nolte.


foto Gezina van der MolenGezina van der Molen had bij testament bepaald dat haar vermogen bij haar overlijden door een stichting zou worden beheerd. Deze stichting kreeg als doel ‘het verstrekken van financiële bijdragen ter bevordering van vrijheid, bewustwording en ontwikkeling van levensomstandigheden van de bevolking in landen waarin zodanige bevordering gewenst is op basis van steun van eigen plannen tot verbetering van hun lot’.


Gezina van der Molen was juriste en journaliste en was actief in de Ned. Christelijke Vrouwenbeweging. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was zij een van de oprichters van het verzetsblad Trouw. Na de oorlog werd zij benoemd tot hoogleraar in het Volkenrecht aan de VU in Amsterdam, de eerste vrouwelijke hoogleraar aan deze universiteit. Ook werd zij benoemd bij het Internationale Hof van Justitie in Den Haag. Haar wetenschappelijke carrière en haar verdere werkzaamheden stonden in het teken van de strijd voor de mensenrechten. Gezina's drijfveer voor wetenschappelijk werk was haar verontwaardiging over onrecht en ontrouw en het verlangen naar een wereldsamenleving waarin gerechtigheid bestond.

 

Mies Nolte was lerares aan de Sancta Maria VWO college te Haarlem en o.m. ook wethouder van de gemeente Bloemendaal. De dames vormde een oecumenisch duo: Gezina was Gereformeerd en Mies Rooms-Katholiek. Gezina was bij een bezoek aan India erg onder de indruk van de armoede en wilde de opbrengsten van haar nalatenschap ten goede laten komen aan een beter bestaan voor de allerarmsten in arme landen.

 

De Stichting Eerlijk Delen beheert de nalatenschap van de beide dames. In de statuten van de stichting staat dan ook dat de nalatenschap ten goede moet komen aan een beter bestaan voor de allerarmsten van de wereld.

Dat heeft de stichting dan ook gedaan sinds 1978. Bij een gemiddelde besteding van ongeveer € 50.000 per jaar is inmiddels meer dan anderhalf miljoen besteed aan projecten. Het betreft bedragen tot een maximum van € 5000 per project per jaar. De steun ligt vooral op de terreinen onderwijs voor kinderen uit arme gezinnen, verbetering van de landbouw, gezondheidszorg, versterking weerbaarheid van vrouwen. Landen, waar projecten werden of worden gesteund zijn o.m.: Pakistan, India, Indonesië, de Filipijnen, Kenia, Tanzania, Zuid-Afrika, Namibië, Nicaragua.